Hondenwals

Het doek is gevallen, mijn derde dansjaar is afgelopen. Een slechte generale, belooft een goede première. Zo gaat het spreekwoord, maar deze keer had ik daar een hard hoofd in. De dansen bleven niet hangen, wat ik ook probeerde. Meestal vervaagd dat gevoel, maar dit keer bleef het hangen, zelfs toen het mijn beurt was om af te dansen. Ik weet niet hoe ik onze vier minuten op de dansvloer moet omschrijven. De woorden 'Wat ben je in godsnaam aan het doen?!' galmden constant door mijn hoofd. Black-outs, een hondenriem die zich om mijn wiel wikkelde, een danspartner die de verkeerde kant op ging, het gebeurde allemaal. Wat doe je op zo'n moment? Doorgaan, dat is de gouden regel. Zacht vloekend, wapperend met je handen terwijl het zweet op jouw rug staat, maar je gaat door. Vier minuten hebben nog nooit zo lang geduurd en aan het eind kon ik mezelf wel voor mijn kop slaan. Het was danspartner Marloes die mij opvrolijkte met een zoen. 'Je bent een schat,' zei ze, 'en ik vind het nog steeds leuk om met jou te dansen. Want daar doen we het voor: de lol.' Ik kon niet anders dan lachen, want natuurlijk had ze gelijk. Uiteindelijk vielen mijn cijfers mee: twee achten en een 8,5. Ik weet niet of dat veel zegt, het laagste cijfer van de avond was een zeven. De dans met de hondenlijn zal mij nog lang bijblijven. Volgend jaar nieuwe ronde, nieuwe kansen. Ik heb er zin in.

Robin Corbee