Schildpad

Ik was nooit de snelste van de klas. Als iedereen na een toets hun pennen neerlegde, schreef ik nog. Mijn pen was veel trager dan die van hen. Ik vond het irritant, maar accepteerde dat het bij mij hoorde. Iets waar iemand een halfuur over doet, heb ik een uur voor nodig. Tel daar mijn gebrekkige oriëntatievermogen bij op en ik ben een schildpad, zoekend naar de juiste afslag. Vroeger raakte ik daardoor in paniek, maar mijn hond Bindi verdreef dat gevoel. Ik vind mijn geklungel niet erg, zolang ik er niemand in meetrek. Maar dat gebeurde wel toen vriendlief en ik besloten een maaltijd te halen bij de slager. Ik was er één keer geweest en wist dat hij bij een ingang van het winkelcentrum zat, maar bij welke ingang? We dwaalden rond, terwijl mijn frustratie groeide. We waren vlakbij, dat wist ik zeker, maar verder dan dat kwam ik niet. Ik was vooral bang dat Sintjins benen het gingen begeven als we nog lang rondjes bleven lopen. Hijzelf kon er wel om lachen. 'Ik heb altijd al willen weten hoeveel winkels Middenwaard heeft,' grapte hij. We vonden de slager twee uur later. Gesloten. 'Ik ben echt de schildpad van Heerhugowaard,' kreunde ik. Sintjin gaf me een zoen. 'We hebben de slager gevonden, daar gaat het om. Ik vond het een leuke zoektocht.' Ik grinnikte en dacht aan de race tussen de schildpad en de haas. De schildpad was traag, maar een doorzetter, en dat bracht hem uiteindelijk de winst. Net als ik.

Robin Corbee