• Pim van Leeuwen, op zijn laatste dag als directeur van de Lucebertschool in Bergen.

    Carina Gutker

Meester Pim van Leeuwen stopt ermee

BERGEN Met het einde van het schooljaar in zicht gaan er veelal leraren met pensioen. Zo ook meester Pim van Leeuwen uit Bergen. Maar hij is niet zomaar iemand. Hij heeft 42 jaar in het onderwijs gezeten - waarvan 26 als directeur, studeerde met de cabaretiers Peter Heerschop en Viggo Waas, bouwde twee keer een school en jureerde de Scholenbouwprijs.

Door Carina Gutker

Gniffelend kijkt directeur Pim van Leeuwen (65) van de Lucebertschool toe wanneer zijn vrouwelijke collega's te horen krijgen dat hij zo meteen voor de krant wordt geïnterviewd. "Pim, dat had je ons wel even mogen vertellen", zegt een van hen quasi verontwaardigd. Hij lacht. Het is een van zijn laatste plagerige acties als hoofd van de basisschool aan het Zakedijkje in Bergen.

"Ik houd ervan om mensen te plagen", vertelt Van Leeuwen als ze weg zijn. Het is zijn laatste werkdag. Bezoek komt af en aan om de schooldirecteur gedag te zeggen. Maar dat hij überhaupt leraar is geworden, is een klein wonder. Het was namelijk niet zijn ambitie. "Mijn ouders hadden een watersportbedrijf bij de Reeuwijkse plassen in Gouda. Heel specialistisch, en gericht op de topzeilers. Mijn broer was een internationaal zeiler en ook ik zeilde in mijn vrije tijd graag. Maar voor dit werk was ik niet geschikt, vond mijn vader. Hij vond mij niet zakelijk genoeg." Het hebben van een eigen bedrijf was tevens een te onzeker bestaan. "Mijn vader wilde dat zijn kinderen het goed zouden hebben, en een inkomen zouden veiligstellen."

TEKENAAR Van Leeuwen moest zijn vader ook wel een beetje gelijk geven. "Ik ben meer een 'mensen-mens'. Hij zag graag dat ik schoolmeester zou worden, want dat gaf status, maar ik wilde veel liever tekenaar zijn." Hij meldde zich aan bij de Kunstacademie in onder meer Arnhem, Den Haag en Rotterdam. Overal werd hij afgewezen. "Ik had niet voldoende talent. Op dat moment waren de afwijzingen een teleurstelling, natuurlijk." Bij de pakken neerzitten, deed Van Leeuwen niet. Hij ging naar de Pedagogische Academie in Utrecht. Na zijn studie was hij kort in militaire dienst, om vervolgens alvast te werken als leraar en tegelijkertijd zich in Amsterdam verder in de pedagogiek te verdiepen. "In de jaren tachtig was er niet zo'n grote vraag naar docenten. Veel afgestudeerde leraren zijn iets heel anders gaan doen. Zo zijn diverse kunstenaars cabaretiers geworden. Denk aan Peter Heerschop en Viggo Waas. Zij zaten allebei bij mij in de groep."

VOLKSWIJK Meer mazzel had Van Leeuwen. Hij kreeg een baan op een basisschool in Haarlem. "De school stond in een volkswijk en het was toen nog ouderwets 'hard werken en de kinderen luisteren naar de schoolmeester'. Voor mijn ogen veranderde het in een zwarte school. Zo weet ik nog van een kind dat eens 's nachts in een park is blijven slapen, en zonder ontbijt naar school ging." Na op een andere Haarlemse basisschool te hebben gewerkt, zocht hij zijn heil noordelijker in de provincie. Hij startte in 1992 als directeur op de Duinrandschool in Bakkum. Drie jaar later fuseerde deze school met de Sokkerwei in Castricum, waarna Van Leeuwen er verder ging als schoolhoofd.

Het aantal leerlingen liep echter terug en de school werd oud. Het werd in 2000 tijd voor een nieuw schoolgebouw. Die kwam er, en wat voor een. "Het was de eerste duurzaam gebouwde school van Nederland", zegt Van Leeuwen, niet zonder trots. "De school was geheel zelfvoorzienend en had onder meer een grasdak en zonnecollectoren. De lokalen werden verwarmd door de warmte van de leerlingen te gebruiken." Het was zo uniek dat Van Leeuwen tot in het buitenland werd gevraagd om voor volle zalen te spreken over het concept. "De Sokkerwei was een voorbeeldschool, letterlijk de school van de toekomst. Het gekste dat ik in die tijd heb meegemaakt, was dat ik in Rotterdam Ahoy voor 800 mensen heb gesproken."

In 2004 nam Van Leeuwen plaats in de jury van de Scholenbouwprijs. "Daar zat ook presentator Menno Bentveld in. Wij mochten het hele land door om scholen te beoordelen." Intussen was Van Leeuwen op school niet alleen leraar en directeur, maar ook ICT'er. "Daardoor kende ik veel scholen, want ik kwam overal langs voor computerklusjes."

GELUK Terwijl de meeste directeuren in hun handjes mogen knijpen bij één nieuw gebouwde school, heeft Van Leeuwen het in zijn carrière twee keer meegemaakt. "Ik heb echt het geluk gehad om twee keer een nieuwe school te mogen bouwen." De tweede keer volgde vlak na zijn aanstelling als directeur van de Lucebertschool in Bergen, negen jaar geleden. "Juf An Dijkstra was twaalf jaar bezig geweest om een nieuwe school te bouwen. Het was hard nodig. De kinderen zaten bij wijzen van spreken in een Oostblokschool. Wat een drama was dat. De wc's zaten op slot en er waren veel lekkages. Toen in 2008 de kachel ontplofte, moesten de leerlingen in allerijl naar een andere plek. Ze werden tijdelijk ondergebracht in het oude gemeentehuis aan de Landweg. Hier zaten ze toen ik juf An verving als directeur."

De gebeurtenissen hadden duidelijk effect op het leerlingenaantal. "Toen ik er begon als directeur waren er zo'n 70 leerlingen, eigenlijk net te weinig om als zelfstandige school door te mogen gaan. We raakten door de gedwongen verhuizing naar de Landweg namelijk ook nog iets van vijf, zes leerlingen kwijt. Zij gingen naar de Matthieu Wiegmanschool, die wel op het Zakedijkje bleef. Dus toen ik er kwam, was het mijn belangrijkste taak om de school levensvatbaar te maken." In 2010 opende het nieuwe schoolgebouw aan het Zakedijkje en keerden alle leerlingen weer terug naar de vertrouwde plek. "We hebben alles nieuw gekocht. Alleen de pennetjes en de potloodjes van de kinderen hebben we meegenomen."

TROTS De Lucebertschool krabbelde op en kreeg elk jaar meer leerlingen. "Voor het eerst komen we in september boven de honderd leerlingen uit. Daar ben ik best wel trots op. Ik heb altijd mijn scholen nagelaten met meer kinderen dan toen ik kwam. Dat zal dan toch het ondernemende zijn, wat ik van mijn vader heb meegekregen." Het onderwijs is veranderd, maar de kinderen zijn volgens hem hetzelfde gebleven. "Kinderen zijn zichzelf en spontaan. Elke generatie heeft zo z'n charmes." Hij gaf vooral les aan kinderen in de bovenbouw. "Zo mooi, want ze zijn dan aan het pre-puberen en van hen krijg je ook een weerwoord. Geweldig."
Hij had het werk misschien nog wel tien jaar kunnen voortzetten, maar dat hoefde van hem niet meer zo nodig. "Er is een tijd van komen en van gaan." Van Leeuwen wordt opgevolgd door juf Letty Dekker. Vorige week was zijn afscheid. "Ik moest een zwembroek en eten meenemen, en op de fiets naar school komen. Toen ik met mijn vrouw een kopje koffie dronk in het centrum van Bergen liep de school leeg en ging iedereen naar filmtheater Cinebergen." Nadat daar eerst een kinderfilm was vertoond, volgde een bijzondere voorstelling. "De kinderen hadden filmpjes gemaakt waarin ze mij nadeden. Ik heb bijvoorbeeld de neiging om het keurig gekamde haar van de leerlingen in de war te schudden. En zo deden ze me na. Daar kreeg ik wel een brok van in mijn keel. De zwembroek was een grapje en niet nodig."