• Twee van de zeven Drentse Heideschapen lammeren die dit voorjaar zijn geboren in de Pirolavallei achter het Hargergat.

    Pim Weeda

Nieuw leven in de duinen: heideschaap lammert zonder hulp

HARGEN Op 30 maart kwam de eerste en vandaag of morgen komt nummer acht, het laatste Drentse heideschaap lammetje van het jaar. "Dat is juist zo mooi", zegt Marjon Koeten, "die volkomen natuurlijke cyclus die je bij deze schapen ziet. De ram dekt de ooien één keer per jaar, en dat is het dan. Bij de geboorte van een lam komt geen mensenhand van pas en dat gaat 99 van de 100 keer goed."

Door Gerard Smit

Marjon woont met haar man Pim Weeda onder aan het duin aan de rand van het Hargergat. Toen ze daar 26 jaar geleden met hun Border Collie het huisje van Staatsbosbeheer betrokken, hoorde Pim bij de kapper dat de eigenaar van de Drentse heideschapen zijn dieren van de hand wilde doen. "Ik heb me geen moment bedacht en de dieren gekocht", zegt Pim. De schapen liepen in het duin en waren vier jaar niet geschoren. Door de te dikke vacht om hun nek verstikten ze en de lammeren konden geen melk drinken doordat de haren van de moeders tot aan de grond hingen. Sommige hadden gebroken horens en er waren twee schapen zoek. Nu graast er een gezonde kudde die ieder jaar gewillig haar wol afstaat.

WEERSTAND "Aanvankelijk stuitte het op nogal wat weerstand dat ik hier met een hond de schapen bijeen bracht. Een hond in de duinen, en dan nog een die achter schapen aanloopt, dat wekte verbazing. Maar ja, als mensen zagen hoe dat schapen drijven ging, stonden ze te klappen achter het hek. Dat was voor Staatsbosbeheer een reden om het te gedogen."

Ondertussen doen de schapen goed werk in de duinen. Ze verspreiden voedingsstoffen op kale gebieden en grazen het gras weg op plekken waar het anders veel te dicht groeit. Daardoor is de Pirolavallei een van de mooiste natte kalkarme duingebieden, met een enorme variëteit aan begroeiing, volgens Pim.

De huidige kudde bestaat uit zeven ooien en een ram. Voor ieder is er voldoende te eten in de acht hectare waar ze kunnen grazen. De volwassen ooien krijgen ieder jaar een jong en scheiden zich dan van de groep af, opdat de ram ze niet opnieuw gaat dekken. Ooien die een hoge positie hebben in de groep blijven dichterbij, dan de schapen met een lagere status. In de week na de geboorte komen ze dan iedere dag weer een stapje dichterbij, tot ze zich, met toestemming van de ooi met de hoogste status, weer helemaal bij de kudde voegen.

VLEESPRODUCTIE Dat loopt dus allemaal wat anders dan bij de schapen in het weiland. Die kunnen niet jongen zonder hulp van de boer. Met het oog op de vleesproductie zijn ze zo doorgefokt dat de lammeren te groot zijn voor het geboortekanaal en niet anders dan met menselijke hulp ter wereld kunnen komen. "Er is veel dat mensen niet begrijpen van de dieren die loslopen in de natuur", zegt Pim. Zelf legt hij wel eens bij sneeuw balen hooi in de vallei, omdat het publiek anders denkt dat de arme dieren verhongeren in de kou. Maar eigenlijk is dat niet nodig. De schapen redden zichzelf prima, als je ze maar een keer per jaar scheert en ze vooral in de lammertijd met rust laat.